Wat is het verschil tussen een cipres en een conifeer?
Cipressen en naaldbomen zijn beide groenblijvende planten, maar ze verschillen op belangrijke punten. In het overzicht hieronder lees je hoe cipressen zich onderscheiden van andere naaldgewassen en welke bijzondere eigenschappen ze hebben als haagplant.
Cipressen en naaldbomen: botanische indeling en herkomst
Cipressen, zoals de Chamaecyparis (schijncipres) en de Cupressocyparis, behoren tot de familie van de cipresachtigen. De bekendste soorten, zoals Chamaecyparis lawsoniana, komen oorspronkelijk uit Noord Amerika, Japan of Taiwan. De term „naaldboom“ wordt gebruikt voor een grote groep planten die tot de coniferen behoren. Daar vallen onder andere sparren, dennen, zilversparren, lariksen en ook cipressen onder. Cipressen zijn dus een bijzondere ondergroep van de naaldbomen, maar ze verschillen in hun vorm en in de manier waarop ze in de tuin worden gebruikt. Cipressen zijn heel geschikt als haag, omdat ze compact groeien, dicht vertakt zijn en het hele jaar groen blijven. In tegenstelling tot sommige naaldbomen die in de herfst hun naalden verliezen (zoals de lariks), houden cipressen het hele jaar hun naalden.
Verschillen in groei, bladstructuur en uiterlijk
Cipressen groeien vaak zuilvormig of kegelvormig. De takken zijn meestal fijn vertakt en de naalden liggen als kleine schubben dicht tegen de twijgen aan. Afhankelijk van de soort verschillen de kleuren: er zijn blauwe, gele en groene rassen, zoals Chamaecyparis lawsoniana ‘Columnaris Glauca’ of ‘Ivonne’. Typische naaldbomen, zoals dennen of sparren, hebben langere naalden die in bundels of afzonderlijk aan de takken zitten. De bast van cipressen is vaak fijner en de hele plant oogt eleganter en compacter dan veel andere naaldbomen. Een ander verschil is de snelle groei van sommige cipressoorten, zoals de Cupressocyparis leylandii (Leylandcipres), die per jaar tot wel 100 cm kan groeien. Andere naaldbomen groeien vaak langzamer en breder.
Eigenschappen en verzorging van cipressenhagen vergeleken met andere naaldgewassen
Cipressen staan bekend om hun goede verdraagzaamheid van snoei. Ze kunnen regelmatig en stevig worden teruggesnoeid zonder dat ze hun vorm verliezen. Daardoor zijn cipressen zoals cipressen en andere haagplanten erg populair in de tuin. Veel klassieke naaldbomen verdragen snoei minder goed en kunnen na een sterke snoeibeurt kale plekken krijgen. Cipressen groeien dicht en zorgen het hele jaar voor goede privacy, terwijl sommige naaldbomen minder dicht groeien. Ook in de winter blijft een cipressenhaag mooi groen. De standplaats is vergelijkbaar: beide houden van een luchtige, goed doorlatende bodem, maar cipressen verdragen geen natte, drassige grond. Ze vragen iets meer verzorging, vooral in de eerste jaren na het planten, zodat de haag mooi dicht wordt.
Toepassing in de tuin: cipres als haag en naaldboom als solitair
Cipressen worden vooral gebruikt als haag of als erfafscheiding, omdat ze makkelijk in vorm te snoeien zijn en snel een dichte groene wand vormen. Ze passen goed bij andere tuinplanten zoals thuja of klimop en brengen kleur in de tuin. Naaldbomen zoals dennen of sparren worden daarentegen vaker gebruikt als solitair of om schaduw in de tuin te geven. Ze worden meestal groter, hebben meer ruimte nodig, groeien vaak minder dicht en worden zelden als haag geplant. De Chamaecyparis valt op door het fijne loof, Cupressocyparis door de snelle groei en de goede beschutting tegen inkijk.
Samengevat: cipressen zijn bijzondere naaldgewassen met een eigen groeiwijze en veel voordelen als haag. Ze onderscheiden zich door hun structuur, groei en gebruik van andere naaldbomen.
.jpg)