Wie is verantwoordelijk voor klimop?
Klimop groeit vaak vanzelf, maar iemand moet de plant wel verzorgen. Wie is er dus verantwoordelijk voor de groei en het onderhoud?
Verantwoordelijkheid voor klimop in de eigen tuin
Als klimop in de eigen tuin groeit, ligt de verantwoordelijkheid altijd bij de eigenaar van het perceel. Wie een klimophaag plant of verzorgt, is verantwoordelijk voor alles wat de plant doet. Dat geldt voor de groei én voor eventuele schade. Klimop is sterk en kan snel andere plekken bereiken, bijvoorbeeld de tuin van de buren of een muur. Om dat te voorkomen is regelmatig snoeien belangrijk.
Klimop groeit per jaar ongeveer 50 tot 70 centimeter. Zonder snoei wordt de plant snel te groot. Wie klimop in de tuin heeft, moet erop letten dat de scheuten niet over schuttingen of muren heen groeien. Komt de klimop in de tuin van de buren, dan mogen zij vragen om de plant terug te snoeien. In veel regio’s is dat zelfs in de wet geregeld. Nestelen er vogels in de klimop, dan kan snoeien in bepaalde perioden verboden zijn. Bij twijfel is het verstandig om dat vooraf uit te zoeken.
Bij de verzorging horen ook water geven en bemesten. Vooral in de eerste weken na het planten heeft klimop extra zorg nodig. Met de juiste grond, voldoende licht en water blijft de plant gezond. In een voedselrijke en goed doorlatende bodem blijft de haag stevig en dicht. Voor een goede groei zijn twee keer per jaar meststoffen voldoende: één keer in het voorjaar en één keer in de zomer. Wie deze verzorging doet, is ook verantwoordelijk voor het resultaat: een groene, dichte haag.
Klimop hecht zich met kleine worteltjes aan muren of schuttingen. Ontstaan daarbij beschadigingen, bijvoorbeeld aan stucwerk of verf, dan is de tuinbezitter verantwoordelijk. Vooral bij oude muren is het belangrijk om te controleren of de ondergrond geschikt is. Wie klimop direct tegen de muur plant, neemt ook de verantwoordelijkheid voor mogelijke schade.
In het algemeen geldt: wie klimop in zijn tuin plant of verzorgt, is verantwoordelijk voor de groei, het onderhoud en de gevolgen voor buren en gebouwen.
Verantwoordelijkheid voor klimop bij de erfgrens
Als een haagplant zoals klimop bij de erfgrens groeit, is extra zorg nodig. De plant staat dan dicht bij zowel de eigen tuin als die van de buren. Om problemen te voorkomen is een duidelijke afstand tot de grens belangrijk. Afhankelijk van de gemeente en de regels geldt een minimale afstand. Vaak is dat ongeveer 50 centimeter tot 1 meter. Wie dichter bij de grens plant, kan eerder problemen krijgen.
De verantwoordelijkheid voor de haag ligt bij de eigenaar. Groeit de klimop over de grens, dan mag de buur vragen om de plant terug te snoeien. Dit is vooral belangrijk bij snelgroeiende soorten zoals Hedera helix of Hedera hibernica. Deze vormen lange scheuten die zich snel verspreiden, zeker als er niet regelmatig wordt gesnoeid.
Wordt klimop langs een schutting of hek geleid, dan is een stevige ondersteuning belangrijk. Raakt het hek beschadigd door het gewicht van de plant, dan is de eigenaar daarvoor verantwoordelijk. Een goede klimhulp en regelmatig snoeien helpen om schade te voorkomen. Ook bij harde wind is een stevige bevestiging nodig, zodat de haag niet omvalt of andere planten beschadigt.
Als klimop over de grens groeit en bijvoorbeeld andere planten wegdrukt, kan dat als overlast worden gezien. De buren hebben dan recht op terugsnoei. Wie de klimophaag regelmatig controleert, beschermt niet alleen het eigen perceel, maar houdt ook de relatie met de buren goed.
Het is verstandig om al vóór het planten met de buren te overleggen. Zo zijn afspraken duidelijk en ontstaan er later minder snel conflicten. Wie klimop dicht bij de erfgrens plant, moet extra zorgvuldig zijn en ook denken aan het onderhoud in de komende jaren. De verantwoordelijkheid stopt niet na het planten, maar blijft zolang de haag groeit.
Klimop heeft veel voordelen, maar vraagt ook aandacht. Wie de plant in de tuin verzorgt, moet rekening houden met groei, snoei en de buren.
.jpg)